Palmboom als warenhuis

Het tropische atoleiland Marakei is niet altijd bezaaid geweest met palmbomen. Dat beweren niet alleen de wetenschappers, maar ook de verhalenvertellers uit ons dorp Raweai. De oorsprongsmythe van de palmboom start met Tararei, de lelijkste man die ooit op het eiland heeft gewoond. Hij woonde in het zuiden van Marakei. Op een dag liep Tararei naar het noorden van het eiland, zo`n zeven kilometer verderop. Daar zag hij Nenepoo, de mooiste vrouw van zijn leven. Meteen ging Tararei bij haar ouders langs om uit te vinden wat zijn huwelijkskansen waren. Zijn afzichtelijke uiterlijk maakte dit bij voorbaat al kansloos. Schaterlachend stuurden ze hem terug naar het zuiden van het eiland. Tararei liet het er niet bij zitten. De jaren daaropvolgend bleef hij tevergeefs ‘vechten’ om de gunst van Nenepoo. Zonder gewenst resultaat werd Tararei uiteindelijk doodziek. Op zijn sterfbed had hij nog een laatste wens: Nenepoo spreken. Uit medelijden voor haar ‘stalker’ kwam ze naar het zuiden van het eiland. Geknield aan zijn bed vroeg Nenepoo aan Tararei: “Alsjeblieft, begraaf me naast je huis zodra ik dood ben. Dan kan ik altijd bij je zijn”. En zo geschiedde. Tararei kreeg zijn eeuwige rustplek onder/naast zijn onbereikbare liefde. Op een dag groeide er een gekke plant uit de grond naast het huisje van Nenepoo. Het was het begin van de eerste palmboom van het eiland Marakei. In de jaren daaropvolgend groeide de boom uit tot prachtige omvang. Op een dag viel er een noot uit de palmboom. Nenepoo ontdekte dat er iets te drinken in zat. Ze pelde, maakte een gat en drukte haar lippen tegen de noot. Op het moment dat ze begon te drinken, hoorde ze vanuit de kokosnoot de stem van de overleden Tararei: “Hmmm, ik weet nu eindelijk hoe jouw lippen proeven…”             Dit prachtige verhaal over het ontstaan van palmboom horen we van Bob Koburi, een 53-jarige gepensioneerde zeevaarder annex politieman. Hij vertelt ons niet alleen over de oorsprong, maar ook over de waarde van de palmboom anno 2012. Samen met vissen is de palmboom de essentie van het leven voor de inwoners van Raweai. De bladeren worden geweven tot matten, ingezet als dakbedekking en getransformeerd in de meest ingenieuze hoofddeksels. Zo vlak bij de evenaar brandt de zon genadeloos hard. De palmboom zorgt dan voor het gewenste natje en droogje. Een jonge noot zit boordevol kokoswater, een oudere noot vooral met kokosvlees. Dagelijks kunnen en zullen we hier van genieten. Op Marakei is er namelijk geen ander drinken dan regen-, grond- of kokoswater voorradig (het kleine winkeltje – op een uur wandelen – met wat stoffige blikjes cola buiten beschouwing gelaten). Naast de noot levert ook de bloemstengel van de palmboom het nodige op. De bloem wordt afgesneden en de stengel ingepakt met palmtouw en -bladeren. Dagelijks kan de eigenaar vervolgens ‘toddy’ tappen; een heerlijk zoet, onschuldig stroopachtig vocht dat langzaam verandert in een gevaarlijke alcholische versnapering. Het is deze drank die ten strengste verboden is in Raweai, maar waar toch zeven jongemannen zich aan hadden vergrepen (je bent jong en wilt ook wel eens wat; zie voorgaand blog schuld en boete).         Klimaatveranderingen hebben directe impact op de palmbomen van Marakei. Erosie en stijgende zeespiegel zorgen voor een toenemend zoutgehalte van het grondwater. We zien dat dit op sommige plekken van het eiland leidt tot gele in plaats van groene bladeren en kleinere noten. ‘Coconut Bob’ (zie T-shirt!) en zijn dorpsgenoten maken zich, wat betreft de palmboom voorlopig nog geen zorgen. Er zijn er nog zoveel. En dan te bedenken dat de allereerste palmboom ooit ontsproot uit de lelijkste man van het eiland… Diederik Veerman

Add a comment