Stoffige modeshow

In het spoor van twee Samburu-krijgers lopen we door de Afrikaanse savanne. De morans zijn op weg naar de rivier de Seeja. Het is de enige plek in de wijde omgeving waar water nagenoeg altijd voor handen is. Enkel tijdens extreme droogtes, zoals in 2009, is ook hier geen druppel meer te vinden. Als we na 13 kilometer wandelen arriveren, lijkt water ook nu een kansloze missie. De rivier is volledig opgedroogd. Voortvarend en vrolijk gaan de morans echter aan de slag. Over een klein half uurtje komt het vee en dan moet er water zijn. Inmiddels zijn er meerdere morans en ieder heeft zijn eigen stekkie. Omgegeven door doornstruiken graven de krijgers in de stoffige rivierbedding een klein bassin. Al snel wordt duidelijk waarom de Seeja zo`n essentiële plek is voor de Samburu; het grondwater komt op en vult de waterput tot vlak onder de knieën van de morans. Koeienbellen voorspellen de komst van het dorstige vee. De dieren weten precies wie hun herder is. Met gezang, gefluit en bovenal water ontvangen de morans hun kuddes. Even is de droogte vergeten. Het is een fascinerend samenspel tussen mens, dier en natuur. Als de koeien, geiten en kamelen voldaan aan de terugweg beginnen, blijven de morans achter. De doornstruiken rondom de gegraven waterputten veranderen van afrastering in kapstok . Poedelnaakt stappen de jonge krijgers in bad en beginnen aan een uitgebreide wasbeurt. De Samburu staan bekend om hun hygiëne en door de morans wordt daar een flink portie uiterlijk vertoon aan toegevoegd. Als ijdele pauwen paraderen ze door de opgedroogde rivierbedding. Gewassen kleren om het lijf, kleurrijke sieraden om de nek en oker in het haar maken de modeshow helemaal af. De morans zijn klaar om de savanne weer in te gaan. Diederik Veerman

Add a comment